blog


Hear hear!

Op veler aanraden heb ik Askimet ingesteld als anti-spam-tool op mijn blog. Hopelijk slaagt dit tooltje erin om de spamhordes van zich af te slaan.

Comments kunnen dus opnieuw door eenieder gepost worden, zonder zich eerst te moeten registreren. Ga dus lustig uw gang hieronder bij “Leave a reply”!

Voor hen die zich ingeschreven hebben: mijn dank hebben jullie al verdiend. Binnenkort voeg ik er nog een extraatje aan toe. Stay tuned!

Spam spam spam spaaaaaaam, zongen de Monty Pythons al in lang vervlogen tijden.

En we zullen het geweten hebben! De spambots hebben blijkbaar de frontale aanval ingezet op uw aller favoriete blog. Alle spamfilters ten spijt, zie ik bij het opstellen van nieuwe berichten - en dit mag u echt wel letterlijk nemen - de spamcommentteller gestaag de hoogte ingaan.

Tot hier en niet meer verder! No passeran! Vade retro spamanas!

Radicale middelen worden ingezet. Weapons of Masspam Destruction: het zich verplicht lid maken.

Als u nog verder wenst comments te plaatsen op deze blog, zult u zich vanaf heden moeten registreren. Dat kan op bijzonder eenvoudige wijze door een account te maken (zie ergens hieronder voor het benodigde knoppeke).

Wordt dus nu allen lid van de grote M443 community en Zie Het Licht!

Afijn, om u allen aan te zetten om nog maar een account te creëren in uw ongetwijfeld al zeer lang aanlopende lijst van online registraties, verloot ik wat prijzen onder de eerste 20 die zich inschrijven en een witsvolle comment achterlaten (ja, we zijn ambitieus, twintig leden zowaar!).

U weet dus allen wat u >>> nu <<< te doen staat… ;)

Beeld je in dat je de laatste twee weken quasi systematisch tot een uur of 11 ’s avonds doorgewerkt hebt, zonder de stapels noemenswaardig te zien slinken.

Gedenk dat je jongste spruit amper zo’n maand geleden jouw gezin heeft vervoegd.

Voeg daaraan toe dat jouw nu al drie jaar lopende verbouwingen (3 … jaar …) nog steeds niet afgerond zijn en dat er dus nog veel materiaal, papier, boeken en andere documenten her en der in dozen verborgen zitten, met de nodige zoektochten en bijpassende frustraties ten gevolge.

Bedenk dat de voorbereidingen voor FACTS 2008 op volle toeren draaien (early birds! mega-guests! sponsors! affiche! websites! verrassingen! en nog vééls meer!).

Weet dat je je ertoe verbonden heb om twee juridische boeken te schrijven, een artikel en een bijdrage aan een wetboek, dit alles tegen het einde van het jaar. Gooi er nog een plan bovenop om een serie kortverhalen te schrijven, die door een vriend geïllustreerd zullen worden (vriend die nu al een tijdje vruchteloos op jouw pennevruchten zit te wachten).

Voeg er stapels e-mails aan toe, een vrij hopeloos achter zittende administratie, permanent 7 Skype sessies tegelijk, vrienden die ik al tijden niet meer gezien heb en nog heel wat andere tijdrovende zaken.

En dan zit je aan de situatie - om zo het ongeveer meest voorkomende beeld op Twitter te parafraseren - van “too many things to do. e-Mino is over capacity“.

Ontvang dan de fijne opmerking: “tiens, maar je hebt blijkbaar wel tijd om te bloggen, op Facebook te zitten en te twitteren” …

Protesteer. Probeer het althans. Tracht het gesprek op andere onderwerpen te brengen. Fail.

Besef dat het tijd is om een aantal projecten af te werken alvorens er steeds nieuwe aan te nemen.

Selecteer.

Maak prioriteiten.

Plaats een aantal zaken een tijdje on hold.

Wuif naar jouw bloglezers en zeg “tot binnenkort”.

Tot binnenkort!

For the sheer hell of it, heb ik me vandaag een Twitter account gecreëerd.

Klikkerdeklik.

Zij die deze blog lezen en ook op Twitter actief zijn, laat iets weten!

… zal het laatste woord hebben in de comments op deze post?

Deze blogpost wordt in zeer vreemde omstandigheden geschreven (later daarover meer), ergo de spontaan opborrelende vraag: wat zijn de vreemdste omstandigheden waarin jullie ooit geblogd hebben?

Onder omstandigheden bedoel ik overigens zowel:

- mentaal. Vb. U had het net afgemaakt met uw lief (sterker nog: u was net bezig met die daad); er was net een dierbaar persoon overleden; u was dronken (/ heel erg zat / poepeloere / zodanig zat dat u uw laptop de dag erop in de bloempot gevonden heeft); diepe depressieve gedachten waren de uwe; enz.

- qua plaats: tijdens een belangrijke vergadering voor de niet zo alziende ogen van uw baas; op een bergtop; in een boot; op een concertweide; in een kerk; e.d.m.

- qua “extra’s”: u heeft enkel in een roze tutu gehuld op de Grote Markt in Brussel geblogd; u liep in een duikpak in de Delhaize rond al bloggend; u was een leeuw aan het temmen terwijl u aan het bloggen was; etc.

Straffe blogverhalen, hun nog straffere broers en hun über-straffe ouders zijn nu allemaal welkom!

Dank u.

[dit is een bijdrage van Yab in het kader van mijn Gastbloggen-stokje]

e-mino verbaasde zich over mijn antwoord op zijn filosofische vraag. De gestelde vraag deed me terugdenken aan een gelijkaardige vraag die ons tijdens de verplichte lessen filosofie in eerste kan (van bachelors en masters was toen nog lang geen sprake) voorgeschoteld werd. Wat als je de keuze krijgt om een pil te nemen die je kan garanderen dat je de rest van de leven gelukkig zal zijn. Er is wel een adertje onder het gras: je zal er de rest van je leven als een idioot bijlopen. Voor mij leek de keuze ook toen al evident: geef mij die pil maar, wat kan het mij schelen dat ik er als een idioot bijloop als ik mij niet bewust ben van dat feit? Een controversiële keuze, zo bleek, want de meeste van mijn medestudenten zouden de pil categoriek weigeren.

Nu moeten jullie niet denken dat ik een voorstander ben van druggebruik of zo, integendeel, weinig respect voor mensen die hun lichaam door verslavingen om zeep helpen, maar een onschadelijk pilletje, zonder neveneffecten, dat geluk garandeert, wat kan daar nu mis mee zijn? Veelgehoorde cliché-antwoorden zijn: “jamaar, zonder dalen kan je de toppen toch niet appreciëren” en “altijd gelukkig zijn, dat lijkt toch maar saai.” Wel, beste mensen, jullie mogen mij eens komen uitleggen wat er saai zou zijn aan altijd gelukkig zijn. Klinkt mij geweldig in de oren. Nooit een sterfgeval, geen ongelukken, geen ziektes, tijd om je toe te leggen op de dingen die je het liefste doet, een uitdagende job, de mogelijkheid om te reizen zoveel je wil, een fantastische relatie, geweldig goeie seks,… Zelfs al wist ik met zekerheid dat mijn leven zou eindigen binnen 25 jaar, ik zou niet twijfelen.

De vraag die gesteld werd in de filosofieles is wel verwant, maar niet helemaal gelijk aan de vraag van e-mino. Wat de meeste mensen afschrikte bij het nemen van de pil, was het feit dat ze hierdoor idioot zouden worden. En dit brengt me dan bij een ander idee dat ik al een tijd meedraag: ignorance is bliss. Het valt mij op dat mensen die niet te hard nadenken over het leven, de zin ervan, de miserie rondom ons, hun eigen rol in het geheel, veel gelukkiger zijn dan zij die dit wel doen. Let op, als mens sluit je je sowieso af voor te erge miserie. Als je je alles persoonlijk moet aantrekken, zou je leven een hel worden. Maar hoe meer je weet, hoe meer je beseft hoe klein je eigen invloed op het grote geheel is. Genoeg druppels koelen de hete plaat af, maar ik voel me soms een watermolecule.

You should have taken the blue pill, Neo. (En dat had ons ook twee barslechte films bespaard.)

{Yab stuurt het stokje door naar Goya, Lime en Lamazone.

Initiële titel voor deze post: “Over stokjes, kuisvrouwen, advocaten, druk en andere al dan niet enigszins samenhangende gedachten“. Bereid u dus maar voor op een amalgaam aan gedachten, ideeën en andere overschouwingen.

De reacties op mijn Gastbloggen-stokje waren overweldigend. Dank aan Els, Georgina en Zapnimf voor hun respectievelijke bijdragen. En ik zie dat intussen de drie dames het stokje doorgegooid hebben en dat de verdere ontvangers al even enthousiast gereageerd hebben. Benieuwd waar het een en ander zal eindigen! En intussen is er al een lezer die zijn weg naar deze blog gevonden heeft. Kruisbestuiving rules!

Zonder dat ik het wist blijkt dat Georgina en Zap allebei poetsvrouwen zijn. Beide dames spelen met woorden, ontvouwen poëtische beschouwingen op papie…euh het scherm, leggen hun zieleroerselen bloot en zien zo een groeiende schare fans de weg naar hun webstekken vinden. Daarmee en passant allerhande (overigens totaal onterechte) vooroordelen over poetsvrouwen uit de weg helpend. Dames, keep up the excellent work.

Waarmee ik overigens niet de minste afbreuk wil doen aan Els‘ bijdrage. Zoals steeds, vlot, boeiend, snedig geschreven en met de nodige schrijffouten. :-p

Onderschat daarbij niet dat Els advocaat is, waardoor het voor vele mensen een evidentie is dat zij goed kan schrijven. Advocaten zijn toch woordenkunstenaars, nietwaar? Het een en ander kan de nodige druk veroorzaken. Vooroordelen, weet u wel?

Nog een vooroordeel? Alle advocaten zijn rijk. Yeah right, ik zou ze niet te eten willen geven, de confraters die wel thuis moeten blijven wonen omdat hun maandelijkse honoraria niet volstaan om zelfstandig te wonen.

Even een vrolijker noot. De 5e paragraaf van deze post van Michel behoort tot het grappigere dat ik de laatste tijd gelezen heb.

En tot slot nog wat losse gedachten en vragen. Wanneer komt e-Mino jr. nr. 2? Châpeau aan alle vrouwen die bevallen. Het moet toch tot op zekere hoogte een wat angstaanjagende gebeurtenis zijn. Een werkdag zonder een minuut ontspanning geeft een licht roesgevoel, doch ook een diepe vermoeidheid. Of hoe een dag met het hoofd werken toch een fysieke vermoeidheid kan opleveren. Terwijl dit oorspronkelijk een vakantiedag had moeten zijn. Niet zomaar een day off. Nee, een Commodore Amiga dag. Wie heeft daar nog mee gewerkt/gespeeld? Beter nog: wie gebruikt er af en toe nog een?

Einde van de week.

Weekend.

Yay!

[dit is een gastbijdrage van Zapnimf in het kader van mijn Gastbloggen-stokje]

De meneer die eigenaar is van dit plekje op het wereld wijde web, vroeg mij heel vriendelijk via mail om hier eens als gast een schrijfseltje te posten.
“Nounou,” zipzapt er dan meteen vurig onder je schedeldak, “wat een eer, ik word gevraagd!”
Verstrengeld in al je trippende egodraden, stem je toe…
 
En pas daarna krijg je die voorwaarden als een boemerang, verzwaard met loodblokjes, op je dak :
- Of je inbreng iets te maken kan hebben met zijn blog (stijl, inhoud, een parodie, whatever).
  (Makkie, e-mino, makkie.)
- Je mag niemand uitschelden.
  (Flauw flauw flauw!)
- Hij zal al je fouten er - lekker puh - in laten staan.
  (Hullep!)
 
Mijn vluchtige opmerkingsgave vermoedt dat e-mino u graag rond de oren kletst met vraagjes die naar het filosofische buigen, hij deelt dat zelf in onder ‘overpeinzingen’. Mijn streven naar de link met zijn blog zal dan ook die richting uitgaan.
 
Bent u wat u doet?
Waaruit distilleert u uw aanzien in de maatschappij?
Betrapt u uzelf wel eens op een blijk van eng denken?
 
(Neeeee, gij gekkin, telepa-t(h)iert de meerderheid van lezers op één en drie tot rechtstreeks in mijn buis van eustachius)
 
We nemen ene zapnimf als voorbeeld.
Haar aanzien heeft ze verworven door haar edelmoedige inborst natuurlijk.
Mis mis! Niemand die mij hier werkelijk kent, het kreng in mij blijft gereserveerd voor de intimi die mij regelmatig onuitgeslapen, hongerig of geveld door tegenslag mogen meemaken. ‘t Is omdat ze een talentje heeft meegekregen om wat zinnen achter elkaar krom te trekken in absurditeiten, dat ze zich sympathiek maakt in blogland. Met andere woorden, om hetgeen ze doet, niet om wat ze is. Straffer nog, mensen uit mijn tastbare leven, die mij voordien enkel niet schrijvend kenden (maar mij misschien toch een toffe griet vonden in tegenstelling tot wat ik hierboven schreef), laten merken dat ze toch wel een snuifje supplementair onder de indruk zijn, nu ze ontdekt hebben dat ik schrijfcapaciteiten heb. (Klinkt dit te verwaand? Excuus.) Terwijl ik toch nog altijd die ordinaire zap ben van altijd. Mijn status groeit om redenen die er eigenlijk niet toe doen. Het omgaan met een intelligente vrijer is er ook nog een.
 
Ik voel het, u bent nog niet overtuigd.
We pakken alweer diezelfde zapnimf.
Stel dat ik wat ongemakkelijk aan mijn einde zou komen. Onder een vrachtwagen met een dode hoek ofzo.
Wedden dat de kranten blokletteren : “Moeder van vier jonge kinderen dood onder vrachtwagen.”?
Al eens ooit gelezen? “Moeder van één kind komt aan haar eind tegen een paal?” Dacht het niet.
Wie eerlijk is en weet dat hij/zij nog nooit een extra ocharme heeft geuit omdat er meer bloedjes achterblijven na een tragedie, dan bij pakweg een ouwe sok, steekt nu zijn vinger op. (Ok, jij daar, jij telt niet, jij wil gewoon je gelakte gelnagels tonen.)
Dat verdriet voor de nabestaanden blijft net hetzelfde, of het nu voor vier of voor honderd achterblijvers is. Of voor de single zonder kinderen, die heeft ook familie en vrienden, misschien wel een zusje waar ze voor zorgt. Of de ouwe sok. Behalve als ‘m niemand heeft, dan is het gewoon spijtig voor hem.
 
Voila, hier kan ik mijn moederschap in de strijd gooien als additieve inbreng die mijn waarde doet stijgen in andermans ogen. Ik mag als ouder falen tegen de sterren op, als ik maar spectaculair genoeg het leven laat, komt het in de gazetten op die manier.
 
Als ik daarentegen een misdrijf pleeg…
De juwelier achter de hoek heeft mij, mijn bivakmuts en mijn revolver op bezoek gekregen. Stel dat het een alerte sierradenbeheerder is, met het credo ‘oog om oog, tand om tand’ hoog in het vaandel. En poef, uw zapnimf is niet meer. Geen haan die mijn vier eigen vleesjes in de krantenkop zal titelen. Omdat ik nogal in omstreden omstandigheden mijn kaas heb gelaten, hoeft het medelijden deze keer niet opgewekt te worden. In dit geval zal je eerder iets lezen als : “Onderwijzeres pleegt overval en sterft.” Mijn rol in de maatschappij is nu gereduceerd tot mijn beroep dat toch wel een voorbeeldfunctie veronderstelt.
 
Ooit, gesetteld in een stelsel van loopbaanonderbreking, profileerde ik me als huismoeder.
“Wat doe je zoal?” vroeg men mij wel eens.
“Ik zorg voor de kinderen.” antwoordde ik naar waarheid.
Gegarandeerd volgde er dan een : “O, ik zou dat niet kunnen, zo geïsoleerd, geen stimulansen meer, enkel mijn was en mijn plas beredderen.”
Plots betekende ik niks meer. Dat ik de krant van a tot z uitploos en meer bagage opbouwde dan zij ooit zou kunnen verwerven, cursussen in allerlei creatiefs volgde, met mijn jong in mijn kielzog meer sociale contacten had dan tevoren, of gewoon met mijn lui gat genoot van de kinders en mijn vrije tijd, wat heb je daar nu aan? Werken moet je! Zodat anderen kunnen opkijken naar je! Als de financiële verloning hoog is (lees : meer dan die van hen), goh, dan zie je de vrienden in de wachtrij staan, van overal komen ze toegestroomd.
 
Zapnimf zapnimf zapnimf en nu heel even iemand anders. Kent u dé Huisvrouw uit Kapellen? Uiteraard wel. Kapellen bulkt van de huisvrouwen, maar deze Margaretha zal je nooit horen vernoemen zonder dat irritante epitheton ornans. 
 
Genoeg een ander!
Op een dag vlieg ik met mijn te hoog bmi uit een attractie in pretpark ix. Dat zou eigenlijk niet de bedoeling mogen zijn. Neehee, die dingen zijn daarop berekend, wilde middelpuntvliedende krachten en helaas de techniek die het laat afweten. Laat we elkaar geen mietje noemen, het is niet mijn schuld, er zit een bout los. Wie gaat de media verhinderen om deze keer niet gewag te maken van : “Obese dame duikelt uit de octopus en overlijdt aan haar verwondingen”?
 
(Slik ik vergif, hoort er niemand van mij. Kennissen zullen hoogstens eens roddelen tegen mekaar over hoe instabiel die zapnimf toch wel was, de sukkel.)
 
Inderdaad, allemaal voorbeelden vanuit de pers die ik meegaf. Het indoctrinatieinstrument bij uitstek om ons - lezende kwistenbiebels - onbewust dat soort redeneren te laten overnemen. Als de gemeenschap mij zou willen zien zoals ik ben, stond daar keer op keer :
“Tof, vredelievend, behulpzaam, goedlachs, relativerend (en soms dit alles ook helemaal niet) menske aan haar eind gekomen.”
Zoniet, is, “Eigenaar van tweehonderd boeken”, even goed voor mijn part.
Wat ik heb, wat ik al dan niet professioneel uitvoer, hoe arm of rijk ik ben, hoe goed of slecht ik er uitzie, zou naar objectieve maatstaven er niets toe mogen doen.
 
Schrijft zij die evengoed in die vallen trapt.
Net zodat ze van mening is dat wat je doet ook wel eens je graad van toffigheid, pacifisme, dienstvaardigheid, vrolijkheid en de betrekkelijkheid inzien van de dingen kan kleuren.
 
Dit stukje is mede in stand gekomen door enkele doorns die ik de laatste weken uit mijn ogen heb moeten peuteren :
- “Ooo, dinkske, jij bent toch wel erg slim voor een poetsvrouw.”
(Geef eens één reden waarom je zo verwonderd zou moeten zijn?)
- “Ik raad het iedereen aan, pak een kuisvrouw via dienstencheques.”
(Pakken pakken? Mogen we ook nog wat respect tonen, ja?)
- “Baby aan boord”
(So? Moet ik de kant kiezen waar je tienerzoon zit om je te rammen? Want dat doe ik uiteraard als er geen gevaarsdriehoekje aan je auto hangt.)
- “Nederlander plast tegen de kathedraal, allochtoon doet sjakoske-trek.”
(Zodat we ons denken nog meer kunnen veralgemenen en stigmatiseren?)
 
En u? Hoe zit het met u?
Schrijf gerust dat reactieluik vol, ‘t is toch maar dat van hem.
* vette knipoog*

 

{Mag ik hierbij Mieke en Madameblogt uitnodigen om voor één keer hun ding op mijn weblog te komen doen?}

Next Page »