In een vorige post had ik mijn beklag gedaan over een vanuit Nederlandstalig oogpunt wangedrocht van een brief, uitgaande van de stad Brussel.

Juicht jubilate, beste lezers, want deze schandpaalbenageling is niet vruchteloos gebleven! Op haar blog deelt Mevrouw Lalieux het volgende mee:

Je suis interpellée sur le blog de M443 qui regrette mon néerlandais ou plutôt les traductions utilisées pour inviter par « toute boîte » les habitants de la Ville de Bruxelles aux différents Comités Propreté que j’organise avec mon équipe et le Service Propreté.

Je ne peux que lui donner raison. En effet, plusieurs personnes m’ont fait remarquer quelques fautes dans ces invitations et je m’en excuse.

Ces documents sont rédigés et traduits au sein même de mon cabinet. Si au niveau de l’oral, chaque collaborateur peut décrocher le téléphone et tenir une conversation en néerlandais, il n’en va pas de même pour l’écrit et surtout pour la traduction d’un texte (c’est un métier).

Alors aujourd’hui, pour répondre entre autres à ces critiques, je cherche une personne soit qui a fait ses études en néerlandais soit dont c’est la langue maternelle, car je pense que nous devons communiquer en respectant chaque citoyen dans l’une des langues nationales.

Pour finir, il est vrai que nos agents administratifs doivent être bilingues (plusieurs d’entre eux sont d’ailleurs d’origine flamande), mais ils sont complètement débordés. C’est pourquoi j’essaye de ne pas les surcharger pour qu’ils s’occupent de leur tache première à savoir la propreté dans la Ville.

Pour nos prochaines invitations, j’espère que nous aurons réglé ce problème.

Mag ik Mevrouw Lalieux even feliciteren dat ze niet alleen het bestaan van het probleem erkent, doch bovendien toegeeft dat dergelijke taalschennis niet aanvaardbaar is en dat ze er iets aan zal doen ook?

Ik deel haar politieke overtuiging weliswaar niet, doch heb er geen enkel probleem mee om mijn pet af te nemen voor een politiek andersgezinde die niet overgaat tot enige vorm van struisvogelpolitiek (problème? Quel problème?) of - nog erger - zich zou bezondigen aan de heden ten dage nogal populaire communautair geladen retoriek (ach ces flamands!).

Mooi mooi. Maar wel doen hé, for e-Mino is watching you! ;-) Je vous y tiens, Mme Lalieux!

P.S. En on a personal note vind ik het héél leuk dat deze blog zodoende een (miniem) klein steentje heeft kunnen bijdragen aan een betere wereld.

… for a special newsflash!

e-Mino jr. nr. 2 is gisteren geboren. Een gezonde en stevige zoon is zonet huize e-Mino komen te vervoegen. Moeder, vader en grote zus stellen het allemaal bijzonder goed. Enkel de decibelmeter voorspelt stressvolle tijden! :D

Blogposts zullen de komende weken volgens een grilliger tijdschema verlopen.

Tijd dus voor de nodige zelfrelativering:

Kijk, ik ben geen Flamingant, nooit geweest en zal het nooit worden. België mag voor mij nog heel lang bestaan en Gent nog veel langer. Mijn vrouw is uit Namen afkomstig, ons dochtertje wordt thuis in het Frans opgevoed, quasi al mijn collega’s zijn franstalig, enz. enz.

Maar waar ik wel op sta is correct taalgebruik en dan in het bijzonder door zij die het goede voorbeeld moeten geven. En dan denk ik aan onderwijsinstellingen, de pers en… de overheid!

De Stad Brussel is - minstens vanuit een wettelijk oogpunt - tweetalig. Dat betekent dat haar communicatie in vlekkeloos Frans én Nederlands dient te geschieden.

Dus, een tenenkrullend onding als dit is voor mij echt onaanvaardbaar:

Man man, “netheidsonaangenaamheden”, “hulpmiddelen afgeschaft” (moet uiteraard “aangeschaft” zijn), “onverantwoorde gedragen”, enz.

Foei, Mevrouw Lalieux!

Zelden, heel erg zelden, eigenlijk quasi nooit kan ik eens neurotisch uit de hoek komen (nota aan mijn vrienden: u wordt tijdelijk gebannen uit de comments :D).

Maar één voorbeeld waarin “neurotisch” ongetwijfeld een mooi eufemisme uitmaakt, is mijn voorliefde voor bepaalde cola.

En dan heb ik het natuurlijk niet over Cola light, Cola light Lemon, Cola light Lemon zonder cafeïne doch met vitaminen en wat melkpoeder voor de kleine. Nee, al die brol is niet aan mij besteed. Vade retro Cola Lightas!

Ik heb het vanzelfsprekend over échte cola. Coca Cola. Mét suiker. Mét cafeïne. Mét smaak.

Welnu, beste bloglezers, ik ben er heilig van overtuigd - en mijn smaakpapillen bevestigen het keer op keer - dat er een wezenlijk verschil bestaat in de smaak van cola in functie van zijn verpakking (blik, fles, etc.)

Mijn voorkeurslijst gaat als volgt (onder dien verstande dat het steeds om (ijs)koude cola dient te gaan natuurlijk!):

- cola uit een blikje. Heerlijk. The best there is.
- cola uit een kleine glazen fles. A close second.
- cola die zonet nog siroop was (denk: McDonald’s, Quick en consoorten). Al iets minder, doch nog altijd best te drinken.
- cola uit een grote glazen fles. Dit wordt al heel erg limiet. Enkel bij heel grote dorst en afwezigheid van alternatieven.
- cola uit een plastieken fles (groot of klein). No way José. Voor mij al niet meer te drinken.

Nochtans gaat het - en dat weet ik ook wel - telkens om hetzelfde product. Maar toch smaakt het telkenmale volledig anders.

Zijn er nog cola-fans die dezelfde indruk hebben? Of neemt u nu massaal de telefoon op om mannen met een wit nauwaansluitend jasje richting huize e-Mino te sturen?

Allé, ik zal eens de dames parafraseren: die mannen toch hé!

Evidence n° 1:

Op mijn post onder de toch wel zeer duidelijke titel “Mag ik u allen met aandrang vragen om zéker geen comments op deze post te plaatsen?” heb ik vier reacties gehad. Van mannen natuurlijk. Die allemaal in min of meerdere mate humoristisch, gevat dan wel wijsneuzerig uit de hoek komen (troost u, gasten, ik zou vermoedelijk hetzelfde gedaan hebben!).

Evidence n° 2:

Voor een of ander tv-programma heeft volgende jongedame

aan vijftig willekeurige jongemannen gevraagd of zij haar zouden willen binnendoen. Lees: (tong-)kussen.

80 % van de aangesproken heerschappen is met plezier op de uitnodiging ingegaan.

Dezelfde vraag die door de mannelijke tegenhanger van de jongedame aan vijftig jonge deernes werd gesteld mocht op veel minder succes rekenen: slechts 20 % van de dames ging op het verzoek in.

Tja, de aard van het beestje zeker?

Bonusvraag: zou u, beste mannelijke lezer, het voorstel van deze nimf aanvaard hebben?

[for the record: de 35 jarige gelukkig getrouwde zeer binnenkort opnieuw vader wordende en hondstrouwe e-Mino zou dit voorstel uiteraard afgewimpeld hebben. De 17 jarige vrijgezel en met heel wat hormonen door zijn lijf gierende e-Mino zou vermoedelijk ja-knikkend op de uitnodiging ingegaan zijn.]

Deze post in navolging van een welbekende post op Gentblogt over het feit dat ook fietsers bepaalde plichten moeten naleven (stelling die ik overigens 100 % onderschrijf).  

Ja, ik gebruik de auto. Nee, dat is niet echt hip, groen, tijdsbewust en nog heel wat andere dingen niet. Maar het is nu eenmaal zo. Jammer maar helaas.

Als bestuurder van mijn trotse bolide kom ik regelmatig voetgangers tegen. Welnu, beste dames en heren voetgangers, mag ik u aub een drietal tips van de hand doen die het leven voor ons allemaal een stuk gemakkelijker en aangenamer zullen maken?

Bij deze:

1] het is niet omdat u voetganger bent dat u zomaar mag oversteken op een zebrapad zonder te kijken. Heeft uw moeder u nooit geleerd dat u altijd even de baan moet inspecteren alvorens u zich erop te begeven? Laat mij u een kleine hint geven dienaangaande: u=+-80 kilo, mijn wagen=véél meer. Toegegeven, u zult mogelijks gelijk halen in een toekomstig proces, maar daar bent u natuurlijk niet zoveel mee indien u voor de rest van uw bestaan in een of andere vegetatieve staat moet vertoeven.

En néé, ik zal u niet doelbewust aanrijden, omverrijden of anderszins verwonden (alhoewel het soms echt wel tempting is…), maar mijn wagen heeft nu eenmaal een bepaalde remtijd nodig. Dus als u zich brutaalweg op het rijbaan stort, kunnen de wetten der fysica wel eens roet in mijn rempogingen gooien.

2] Dankuzeg. Is het nu zo moeilijk? Ik stel vast dat u aanstalten maakt om over te steken terwijl het niet eens een zebrapad is. Ik stop om u ter wille te zijn, ontvang daarbij de nodige banbliksems van de medechauffeurs achter mij, vloek omdat ik net iets te hard geremd heb waardoor een aantal zaken van de zetel op de grond zijn gedonderd. En u? U kijkt me al overstekend aan met een air van “puh, je hebt toch geen keuze”. Of u kijkt niet eens om want het is toch “normaal” dat ik rem, nietwaar?

Wel, weet u, uw houding zorgt ervoor dat de 10 volgende voetgangers wat langer zullen mogen wachten alvorens over te steken want no way josé dat ik voor hen rem.

Dus, een kleine merci, dank u, handopsteek, duimopsteek, hoofdknik, knipoog, whatever, zullen u in grote dank afgenomen worden.

3] Verbeter het record om ter traagst schuifelen ergens anders aub. Ok, ik heb geremd. Ik laat u oversteken alhoewel ik eigenlijk wel gehaast ben. Kunt u dan aub aanstalten maken om daadwerkelijk over te steken i.p.v. schuifelend een “yow man relaxxxxx” attitude uit te stralen? En dan heb ik niet over u, slecht te been zijnde grootvader, doch wel over u, fit ogende jonge man en vrouw die net de puberteit verlaten hebben en dus toch al enig tijdsbesef zouden moeten hebben.

Deze soms licht geïrriteerde automobilist dank u van harte.

[Alternatieve titel: e-Mino's Deathmatch - Fourniret v. Fritzl].

Het zoveelste horrorverhaal waarbij sadisme, de menselijke gruwelijke ingeniositeit en verregaande perversiteit de hoofdingrediënten vormen, was deze week niet uit het nieuws weg te branden. Een Oostenrijker genaamd Fritzl heeft zijn dochter 24 (!) jaar lang in een kelder opgesloten, ze bij meer dan herhaling misbruikt, zodoende zeven kinderen verwekt waarvan eentje na een paar dagen overleden is, drie van de zes geadopteerd en de buitenwereld doen ontdekken, terwijl de drie andere - samen met de moeder - in de kelder bleven (een van de drie is nu 18 jaar en heeft pas deze week voor het eerst de buitenwereld gezien). Hallucinant is een eufemisme van jewelste in dit geval.

Het deed bij mij de vraag rijzen: is deze misdaad erger dan hetgeen Fourniret gedaan heeft? Ik kan me inbeelden dat een aantal mensen hierop negatief zullen antwoorden. Fourniret heeft immers minstens zeven onschuldige meisjes ontvoerd, verkracht en vermoord, daarbij minstens zeven families jarenlang in onwetendheid en diepe wanhoop achterlatend. Klopt. Maar Fritzl heeft zijn eigen vlees en bloed 24 jaar lang verkracht, onderdrukt, in een kelder weggestopt, drie van zijn kleinkinderen daar ook opgesloten. Een letterlijk decennialange fysische en mentale terreur. Ik heb het moeilijk om zijn daden als minder erg te qualificeren.

Maar misschien is het vanaf een bepaald stadium van geweld en sadisme niet meer mogelijk om een gradatie te bepalen in het kwade. Beiden zijn zo ver voorbij het normale, voorbij hetgeen een mens rationeel kan vatten dat de ene niet meer als erger kan beschouwd worden dan de andere. En toch, weinigen zouden eraan twijfelen om iemand als Adolf Hitler nog een stapje hoger te zetten op de ladder van het kwade. Maar kan je dan Hitler en Mengele vergelijken, de ene de ‘bedenker’, de andere de met sadistisch genoegen uitvoerder van allerhande onmenselijke ‘wetenschappelijke’ proeven? Wie is erger? Kan het ene als verregaander dan het andere beschouwd worden?

En hoe bepaal je wat het ergst is? Ga je af op aantallen: tien moorden is erger dan negen? Of op gestelde daden: 2 moorden en één verkrachting is erger dan 2 ‘gewone’ moorden? Of speelt de aard van het slachtoffer een rol (misdaden op minderjarigen zijn dan erger dan op volwassenen)? Of is het een combinatie van al deze factoren?

Of laat het kwade zich, zoals gezegd, vanaf een bepaald moment niet meer categoriseren?

Een vraagstuk waar ik nog geen antwoord op gevonden heb.

In een vorige post nodigde ik u uit om met ja of nee te antwoorden op een filosofische vraag die u echter nog niet kende. Enigszins tot mijn verbazing waren er meer ja’s te horen dan nee’s. Mooi, mooi, een moedige lezerschare heb ik blijkbaar verzameld!

De vraag luidde als volgt: “Indien u de kans zou hebben om terug te keren naar een bepaald moment in uw leven, wetende wat u nu weet, zou u het dan doen indien de prijs hiervan vijf levensjaren zou zijn?”.

Heeft u ooit een persoon afgewimpeld, een geliefde laten vertrekken, niet doorgezet, net wel doorgezet, iemand gekwetst, een ongelofelijke stommiteit begaan of een fantastische kans laten passeren en u vervloekt er zich nu altijd om? Dit is uw kans! U mag - met kennis van zaken - terug in de tijd gaan naar dat ene fatale moment en ditmaal een andere beslissing nemen. Maar u verliest er wel vijf levensjaren door.

Zou u op dit aanbod ingaan? (en om het even filosofisch te houden, laten we nou niet teruggaan in de tijd om zo de correcte lotto-nummers in te vullen!).

Zij die onversaagd geantwoord hebben op mijn vorige post, antwoordt u hetzelfde of niet?

We zien eens benieuwd!

Deze blogpost wordt in zeer vreemde omstandigheden geschreven (later daarover meer), ergo de spontaan opborrelende vraag: wat zijn de vreemdste omstandigheden waarin jullie ooit geblogd hebben?

Onder omstandigheden bedoel ik overigens zowel:

- mentaal. Vb. U had het net afgemaakt met uw lief (sterker nog: u was net bezig met die daad); er was net een dierbaar persoon overleden; u was dronken (/ heel erg zat / poepeloere / zodanig zat dat u uw laptop de dag erop in de bloempot gevonden heeft); diepe depressieve gedachten waren de uwe; enz.

- qua plaats: tijdens een belangrijke vergadering voor de niet zo alziende ogen van uw baas; op een bergtop; in een boot; op een concertweide; in een kerk; e.d.m.

- qua “extra’s”: u heeft enkel in een roze tutu gehuld op de Grote Markt in Brussel geblogd; u liep in een duikpak in de Delhaize rond al bloggend; u was een leeuw aan het temmen terwijl u aan het bloggen was; etc.

Straffe blogverhalen, hun nog straffere broers en hun über-straffe ouders zijn nu allemaal welkom!

Ik moet toegeven dat ik persoonlijk vrij veel sympathie heb voor Barack Obama. Ik moet evenzeer toegeven dat ik de ins and outs van zijn programma niet ken en wil zelfs ten dele meegaan in de redenering dat hij nog niet veel bewezen heeft. Maar toch, hij heeft een zeker je-ne-sais-quoi en ziet er mij wel iemand uit die zijn landgenoten kan motiveren én vooral zijn land opnieuw de goede richting kan uitsturen.

Vandaar dat ik - in het kader van een experiment op mijn vorige blog - mij ingeschreven had op zijn mailinglist.

In het begin was het een leuke mix tussen enerzijds “hallo, steun onze campagne en doneer een paar centjes aub” mails en anderzijds “ik meen dit, ik meen dat, dit is mijn visie” boodschappen. Gooi er af en toe nog eens een “ik moet hier wel vechten tegen de evil twin Clinton & McCain hé” en het was nogal onderhoudend.

De laatste tijd begon de eerste categorie berichten - “money”, “even more money”, “where’s that bloody donation dude?” - echter steeds meer de bovenhand te krijgen.

Maar de laatste 72 uur is het heeltegans de spuigaten beginnen uitlopen:

- 28 april 2008: ” Make a donation of $30 or more before midnight on Wednesday, April 30th, and receive a limited edition Vote for Change poster:”

- 29 april 2008: “Make a donation of $15 or more before midnight on Wednesday, April 30th, and receive a limited edition Vote for Change car magnet:”

- 30 april 2008: “ I really need your support today. (…) Make a donation of $25 today to help us fight this two-front battle and show our strength before tonight’s deadline: (…) If you make a contribution before midnight tonight, a fellow supporter — who has already donated in April — will match your gift and double your impact.

We catch your drift, Obama!

Nu, ik begrijp ook wel dat zo’n campagne geld nodig heeft, maare op dit moment zijt gij uw credibility aan het verkwisten in ruil voor wat dineros. Uw marketing campagne assistant manager supervisor zal u wel gezegd hebben dat het goed is, maar ik zou u toch dank weten om hem niet als Minister van Financiën aan te stellen als ge president wordt!

Voor het overige: best of luck. No hard feelings.

Ten bewijze bij deze een gratis suggestie: “Make a donation of $1 of more and receive a Limited edition Vote for Change croissant!”  ;-)

Next Page »